Eenmaal binnen

Hij leidde haar naar binnen, haalde thee voor haar en een warme deken, die hij om haar broze schouders sloeg.
'Au, au, au,' huilde ze.
Hij sloeg de armen om haar heen en drukte haar zo dicht tegen zich aan dat hij bang was haar zwakke lijfje in tweeën te breken.
'Doet het pijn?' fluisterde hij.
'Ja,' snikte ze, 'Ik ben zo bang.'
Hij antwoordde niet.
'Wil je me een verhaaltje voorlezen, Matte?' vroeg ze.
Hij keek naar haar en de volwassen vrouw die hij zag was slechts een leeg omhulsel. In de donkere ogen zag hij het verdriet van een kind. Een klein, bang meisje, dat opkeek tegen grote mensen, die graag voorgelezen wilde worden voor het slapengaan - had hij ooit het bed met haar gedeeld?
'Welk verhaaltje, Dee?'
'De prinses op de erwt.'
Matte pakte het grote sprookjesboek, vergeeld en stoffig. Hij keek niet naar Dee en begon te vertellen. Hij merkte dat er iets veranderde, zodra de woorden zijn lippen verlieten. De kamer tolde om hen heen en andere indrukken werden buitengesloten; geur, zicht, andere geluiden. Alleen nog zijn eigen stem, die rustig een sprookje las. Wat er gebeurde, was dat het sprookje op dat moment de enige waarheid was geworden. Alsof het sprookje alle woorden bevatte die nodig waren in een mensenleven, sterker nog, alsof dat de enige woorden waren die bestonden. Het leven leek eenvoudiger dan ooit. Hij keek naar Dee, en zag dat ze zich in foetushouding had opgerold, tegen hem aan, haar duim in de mond.
Na de laatste woorden van het sprookje duurde het even voor de kamer terugkwam; het smeulende vuur, de warmte en het licht. Matte leek te ontwaken uit een lange slaap.
'Nog een,' zeurde Eeden.
'Welke?'
'De keizerlijke nachtegaal.'
Hij bladerde even en de droom begon opnieuw. Niet alleen elk woord betekende iets voor hem, maar elke letter, elke klank. Hij was uitgeput, na dit tweede verhaal.
Eeden lag rozig tegen hem aan.
'Jij kunt goed voorlezen,' zei ze.
Hij streelde haar haar, en wachtte simpelweg tot ze in slaap viel. Hij tilde haar op, en bracht haar naar bed. Ze werd weer even wakker, maar was slaperig.Zelf was hij te  aangeslagen om nog beneden van een glas wijn en een boek te kunnen genieten, dus kleedde hij zich uit en ging naast haar liggen. Ze ging tegen hem aan liggen.
'Wil je me warmhouden, vannacht,' vroeg ze, de ogen gesloten.
'Ik houd je warm.'
'Die zweren, Matte, die zijn zo gaan etteren. Daarom doet het zo'n pijn.'
Ze begon weer zachtjes te huilen.

You are my sunshine, my only sunshine, you make me happy, when skies are grey..

Matte was voor haar gaan zingen, omdat hij verder ook niet wist wat hij anders kon doen. Dat raakte haar nog meer, en hij kon de zweren bijna zien kloppen, de pus ruiken... Maar alleen Dee voelde de pijn. Ze huilden zich samen in slaap.

Reacties

Ik lees, ik lees altijd. Laat onze woorden, onze letters, onze gedachtes, voor altijd de spiegel zijn naar en voor elkaar. Laat mij jouw woorden lezen en jóu zien, laat jou mijn woorden lezen en mij zien. Denk niet dat we ver van elkaar zijn want dat zijn we nooit.

Reageren

Naam   E-mail Mijn url
Voer onderstaande code hiernaast in:
63cccb
Onthoud mijn gegevens!